Projecten
Documentatie
Criteria
- Indeling - Welke pagina's zijn er en waar plaats je de informatie
- Taal - Schrijf in een stijl die past bij de informatie en de doelgroep.
- Vormgeving - Zorg voor een passende layout, lettertype en bestandsformaat
- Inhoud - Pas de informatie aan op basis van onderwerp en doelgroep.
Indeling
- Titelpagina
- Jouw gegevens (naam, klas, studentnummer)
- Titel van het document en de naam van het project of de opdracht
- De titelpagina heeft geen paginanummer
- Toon eventueel een logo van het bedrijf waar je voor werkt
- Inhoudsopgave
- Bij grotere verslagen (meer dan 4 A4’tjes tekst) komt na de titelpagina een inhoudsopgave. De inhoudsopgave bestaat uit de relevante onderdelen in je document en op welke pagina die te vinden zijn.
- Doot stijlen te gebruiken in je tekstverwerker kun je er voor zorgen dat je inhoudsopgave automatisch wordt gegenereerd.
- De inhoudsopgave heeft geen paginanummer
- Overige pagina's
- Maak een voettekst met daarin de titel van het document
- De bewerkingsdatum
- Toon een paginanummer
- Toon het totaal aantal pagina's van het document. (zo weet je of je document compleet is als je hebt geprint!)
- Inleiding
- Waar gaat dit document over, wat is het onderwerp
- Voor wie is het bestemd (doelgroep)
- Kern
- Verschillende hoofdstukken met tekst afhankelijk van de aard van het document en het onderwerp
- Slot of samenvatting
- Bij langere verslagen of ontwerpen kan een samenvatting een goede toevoeging zijn.
- Bronvermelding
- Hoe kom je aan de informatie die je hebt gebruikt in je verslag. Gebruik hiervoor de arpa-richtlijnen
- Bijlage(n)
- Voeg bijlagen toe zoals schema's of illustraties of documenten die een ander formaat hebben.
- Als er meer dan 1 bijlage is, krijgen de bijlagen een apart volgnummer.
Taal
- Zorg ervoor dat je document gemaakt is voor de doelgroep of persoon voor wie het bestemd is.
- Zorg ervoor dat de toon in je document past bij de informatie die je verstrekt.
- zakelijk
- feestelijk
- Gebruik goed nederlands
- Laat je tekstverwerker je checken of er geen fouten zijn (bijv. met copilot)
- Gebruik een LLM om je tekst te controleren (bijv. chatGPT)
Vormgeving
- Kies voor een passend lettertype
- Zorg ervoor dat je 1 hooguit 2 verschillende lettertypen toepast.
- Denk aan kleurgebruik, zorg er voor dat teksten goed leesbaar zijn.
- Tekstgrootte: platte tekst niet groter dan 12 of kleiner dan 10.
- Maak gebruik van stijlen
- Definieer in ieder geval stijlen voor kop 1, 2 en 3 en platte tekst, zodat je automatisch een inhoudsopgave kunt genereren.
- Bewerk je document in je favoriete tekstverwerker, maar verstuur je document in pdf-formaat.
- PDF zorgt er voor dat alle gebruikte lettertypen goed worden weergegeven op alle computers en devices
- PDF is hetzelfde als naar een printer printen, maar dan naar een document.
- What you see is echt what you get!
- Geef je document een logische naam en versienummer.
Inhoud
- Plan van te voren hoe je de informatie in gaat delen
- Bepaal welke informatie je gaat verwerken
- Bepaal welke kopjes je gaat gebruiken
APA richtlijnen
- Als je informatie uit een boek, website of artikel gebruikt, moet je vertellen waar je die informatie vandaan hebt.
- Dat doe je op twee manieren:
- In de tekst zelf (korte verwijzing)
- Aan het einde van je verslag in een lijst (volledige bronvermelding)
In de tekst (korte verwijzing)
Je zet tussen haakjes de achternaam van de schrijver + het jaartal van publicatie.
Voorbeeld 1: Een tekst in je eigen woorden (parafraseren)
- Kunstmatige intelligentie verandert de manier waarop mensen werken (Jansen, 2022).
- Jansen (2022) zegt dat kunstmatige intelligentie de manier waarop mensen werken verandert.
Voorbeeld 2: Een letterlijke zin (citaat)
Als je een zin precies overneemt, moet je ook het paginanummer erbij zetten.
- "AI zal in de toekomst steeds meer taken van mensen overnemen" (Jansen, 2022, p. 34).
- Jansen (2022) zegt: "AI zal in de toekomst steeds meer taken van mensen overnemen" (p. 34).
Aan het einde: de bronnenlijst (volledige bronvermelding)
- Aan het einde van je verslag maak je een lijst met alle bronnen die je hebt gebruikt.
- Dit heet de referentielijst.
- De lijst moet alfabetisch zijn (op achternaam van de auteur).
Hier zijn een paar voorbeelden voor verschillende soorten bronnen:
Een boek
- Achternaam, Voorletter(s). (Jaar). Titel van het boek. Uitgever.
- bijvoorbeeld: Jansen, P. (2022). De toekomst van AI. Boom Uitgevers.
Een artikel in een tijdschrift
- Achternaam, Voorletter(s). (Jaar). Titel van het artikel. Naam van het tijdschrift, volume(nummer), pagina's. https://doi.org/xxxxx
- bijvoorbeeld: De Vries, L. (2021). AI in het onderwijs. Onderwijsblad, 15(2), 45-56.
Een website
- Achternaam, Voorletter(s). (Datum). Titel van het artikel of de pagina. Naam van de website. URL
- bijvoorbeeld: Peters, M. (2023, 10 januari). Hoe AI onze banen beïnvloedt. NU.nl. https://www.nu.nl/ai-banen
Geen auteur? Gebruik dan de naam van de organisatie
- NOS. (2023, 15 maart). AI en de toekomst van werk. NOS. https://www.nos.nl/ai-werk